Meervoud in het Spaans: Regels, Uitzonderingen en Oefening

Oct 18, 2026

Het meervoud in het Spaans is een onderdeel waar je snel punten scoort: casa wordt casas, hotel wordt hoteles, en met die twee regels heb je al negentig procent van alle woorden te pakken. De andere tien procent zorgt voor de fouten die je bij elke Nederlander hoort: lápizs in plaats van lápices, los luneses in plaats van los lunes, en canciónes met een accent dat er niet meer hoort. In deze blog krijg je alle regels op een rij: de basis, los en las, de woorden op -z, de woorden die nooit veranderen, de accenten die verschuiven, waarom los padres "de ouders" betekent en hoe bijvoeglijke naamwoorden meebuigen. Aan het eind oefen je alles met tien zinnen.

🇪🇸 Gratis cursus Spaans (inclusief app)

Video's, oefeningen en persoonlijke hulp. Vul je naam en e-mail in en je zit binnen 2 minuten in je eerste les.

📚 Inhoudsopgave

Meervoud in het Spaans: de basisregel met -s en -es

De basisregel past in één zin: eindigt een woord op een klinker, dan plak je er een -s achter. Eindigt het op een medeklinker, dan plak je er -es achter. Dat is het. Alles wat hierna komt, is een verfijning van die ene regel.

Regel Enkelvoud Meervoud Nederlands
klinker + -sla casalas casasde huizen
klinker + -sel librolos librosde boeken
medeklinker + -esel hotellos hotelesde hotels
medeklinker + -esla mujerlas mujeresde vrouwen
medeklinker + -esla ciudadlas ciudadesde steden
medeklinker + -esel españollos españolesde Spanjaarden
-y + -esel reylos reyesde koningen

Wij maken meervoud op allerlei manieren (huizen, boeken, kinderen), het Spaans doet het bijna altijd met -s of -es. De -y telt als medeklinker, dus rey wordt reyes. En de klemtoon blijft liggen: hoteles is o-TE-les. Wil je eerst het grote plaatje van de Spaanse grammatica zien, lees dan Spaanse grammatica: de basisregels.

Los en las: het meervoud van el, la, un en una

Zodra het zelfstandig naamwoord meervoud wordt, gaat het lidwoord mee: el wordt los, la wordt las, un wordt unos en una wordt unas. Een setje van vier, daar hoef je niet over na te denken.

Enkelvoud Meervoud Voorbeeld Nederlands
ellosel perro, los perrosde hond, de honden
lalasla mesa, las mesasde tafel, de tafels
ununosun amigo, unos amigoseen vriend, een paar vrienden
unaunasuna hora, unas horaseen uur, een paar uur
el (vrouwelijk woord met a-)lasel agua, las aguashet water, de wateren

Het Nederlands heeft één meervoudslidwoord ("de"), het Spaans twee. Je moet dus weten of een woord mannelijk of vrouwelijk is. Unos en unas betekenen trouwens niet alleen "een paar", maar ook "ongeveer": unas tres horas is "ongeveer drie uur". En let op el agua: dat is een vrouwelijk woord dat in het enkelvoud el krijgt omdat het met een beklemtoonde a begint, maar in het meervoud gewoon las aguas wordt. Hoe je het geslacht van een woord herkent, lees je in el of la in het Spaans.

Meervoud van lápiz: -z wordt -ces

Eindigt een woord op -z, dan krijgt het volgens de basisregel -es. Maar het Spaans schrijft bijna nooit ze of zi, dus de z verandert in een c: lápiz wordt lápices (uitspraak: LA-pie-ses, met een licht geslispte s zoals Spanjaarden doen). Het klinkt hetzelfde, het is alleen een spellingkwestie.

Enkelvoud Meervoud Nederlands
el lápizlos lápicesde potloden
la vezlas vecesde keren
el pezlos pecesde vissen
la luzlas lucesde lichten
la actrizlas actricesde actrices
felizfelicesgelukkig (meervoud)

Muchas veces (vaak) en felices fiestas (fijne feestdagen) hoor je dagelijks, dus deze regel komt vanzelf in je systeem. Dezelfde spellingregel zie je bij werkwoorden: empezar wordt empecé (ik begon). Waarom het Spaans zo omgaat met de c en de z, lees je in het Spaanse alfabet.

Woorden die niet veranderen: el lunes, los lunes

Eindigt een woord op een onbeklemtoonde -s of -x, dan verandert er niets. Alleen het lidwoord laat zien dat het meervoud is: el lunes, los lunes. De weekdagen zijn hier het mooiste voorbeeld, want vijf van de zeven eindigen op -s.

Enkelvoud Meervoud Nederlands
el luneslos lunesde maandag, de maandagen (of: op maandag)
el miércoleslos miércolesde woensdagen
el vierneslos viernesde vrijdagen
la crisislas crisisde crises
el análisislos análisisde analyses
el paraguaslos paraguasde paraplu's

Alleen sábado en domingo krijgen een gewone -s: los sábados, los domingos. En los lunes betekent ook "op maandag", elke maandag: Los lunes voy al gimnasio. Alle dagen met uitspraak en voorbeeldzinnen vind je in dagen van de week in het Spaans.

Let op het woordje "onbeklemtoond". Ligt de klemtoon op de laatste lettergreep, dan krijgt het woord wél -es:

Enkelvoud Meervoud Nederlands
el meslos mesesde maanden
el autobúslos autobusesde bussen
el paíslos paísesde landen
el francéslos francesesde Fransen
el ingléslos inglesesde Engelsen

Zie je wat er met autobús en inglés gebeurt? Het accent verdwijnt. Dat is geen toeval, en daar gaat het volgende stuk over.

Accenten in het meervoud in het Spaans: canción wordt canciones

Hier gaat het bij Nederlanders het vaakst mis. Soms verdwijnt het accent (canción, canciones), soms komt er een bij (joven, jóvenes), soms blijft het staan (país, países). Het lijkt willekeur, maar het is één regel.

Wat gebeurt er Enkelvoud Meervoud Nederlands
accent verdwijntla canciónlas cancionesde liedjes
accent verdwijntel jardínlos jardinesde tuinen
accent komt erbijel jovenlos jóvenesde jongeren
accent komt erbijel examenlos exámenesde examens
accent komt erbijla imagenlas imágenesde beelden
accent blijftel paíslos paísesde landen
accent blijftel árbollos árbolesde bomen

De regel in één alinea: de klemtoon ligt standaard op de voorlaatste lettergreep als een woord eindigt op een klinker, -n of -s, en op de laatste lettergreep bij een andere medeklinker. Alleen als de klemtoon afwijkt van die standaard, schrijf je een accent. Canción eindigt op -n met de klemtoon op de laatste lettergreep: afwijkend, dus accent. Bij canciones ligt de klemtoon nog steeds op cio, maar dat is nu de voorlaatste lettergreep: standaard, dus geen accent meer. Bij joven is het andersom: CHO-ben is standaard, maar CHO-be-nes heeft de klemtoon op de op twee na laatste lettergreep en dat is altijd afwijkend, dus jóvenes. De klemtoon verschuift dus nooit, alleen het schrijfteken. Bij país blijft het accent omdat het aangeeft dat de a en de í los van elkaar klinken (pa-IES).

Woorden op een beklemtoonde -í of -ú hebben twee vormen: el esquí wordt los esquís of los esquíes. Allebei goed, in de spreektaal hoor je meestal de korte vorm. Bij -á, -é en -ó is er één vorm: los sofás, los cafés, los dominós. En een bekende uitzondering waar de klemtoon echt verspringt: el carácter, los caracteres (ka-rak-TE-res).

Los padres, los hermanos: gemengde groepen zijn mannelijk

Een groep met mannen en vrouwen krijgt in het Spaans altijd de mannelijke meervoudsvorm. Daardoor is los padres niet "de vaders" maar "de ouders", en los hermanos niet per se "de broers" maar "de broers en zussen".

Spaans Letterlijk Betekenis
los padresde vadersde ouders (vader en moeder)
los hermanosde broersde broers en zussen
los hijosde zoonsde kinderen (zoons en dochters)
los abuelosde opa'sde grootouders
los tíosde oomsoom en tante
los reyesde koningenkoning en koningin, het koningspaar
los señores Garcíade heren Garcíameneer en mevrouw García

Alleen bij een groep van uitsluitend vrouwen gebruik je de vrouwelijke vorm: las hermanas, las hijas. Zit er één man tussen, dan is het weer mannelijk, ook bij bijvoeglijke naamwoorden: Juan y María son simpáticos. ¿Tienes hermanos? vraagt dus naar broers én zussen. Alle woorden voor de familie, van el suegro tot la sobrina, staan in familieleden in het Spaans.

Meervoud in het Spaans van bijvoeglijke naamwoorden en bezittelijke voornaamwoorden

In het Nederlands verandert een bijvoeglijk naamwoord niet in het meervoud: het witte huis, de witte huizen. In het Spaans wel. Alles wat bij het zelfstandig naamwoord hoort, buigt mee: het lidwoord, het bijvoeglijk naamwoord en het bezittelijk voornaamwoord. La casa blanca wordt las casas blancas, drie keer een -s.

Enkelvoud Meervoud Nederlands
la casa blancalas casas blancasde witte huizen
el coche azullos coches azulesde blauwe auto's
el examen fácillos exámenes fácilesde makkelijke examens
el niño felizlos niños felicesde blije kinderen
una persona inteligenteunas personas inteligenteseen paar slimme mensen
mi amigomis amigosmijn vrienden
su librosus libroszijn, haar of hun boeken
nuestra casanuestras casasonze huizen
vuestro cochevuestros cochesjullie auto's

Het bijvoeglijk naamwoord volgt dezelfde regels als het zelfstandig naamwoord: azul wordt azules, feliz wordt felices, fácil houdt zijn accent en wordt fáciles. Tip: zeg de hele woordgroep in één keer en luister of alles op -s eindigt. Las casas blancas klinkt als een ritme. Meer over plaats en vorm lees je in bijvoeglijk naamwoord in het Spaans, en de hele reeks mi, tu, su, nuestro met alle vormen staat in bezittelijke voornaamwoorden in het Spaans.

Los cumpleaños, los clubes en het werkwoord in het meervoud

Tot slot drie dingen die net even anders werken. Veel samenstellingen zijn gebouwd als "werkwoord + meervoud": el sacapuntas is letterlijk "maakt punten". Ze eindigen al op -s, dus alleen het lidwoord verandert. Leenwoorden krijgen meestal gewoon een -s, en het werkwoord gaat mee met het onderwerp.

Enkelvoud Meervoud Nederlands
el cumpleañoslos cumpleañosde verjaardagen
el sacapuntaslos sacapuntasde puntenslijpers
el altavozlos altavocesde luidsprekers (eindigt op -z, dus wel veranderen)
el clublos clubesde clubs
el jerseylos jerséisde truien

Leenwoorden zijn een grijs gebied: club krijgt -es, chat wordt chats, en jersey wordt jerséis met accent. Twijfel je, dan is -s meestal de veilige keuze. Dan het werkwoord: dat volgt altijd het onderwerp, net als in het Nederlands.

Enkelvoud Meervoud Nederlands
Mi hermano vive en Madrid.Mis hermanos viven en Madrid.Mijn broers en zussen wonen in Madrid.
¿Dónde está el baño?¿Dónde están los baños?Waar zijn de toiletten?
La casa es grande.Las casas son grandes.De huizen zijn groot.
Hay un problema.Hay dos problemas.Er zijn twee problemen. (hay verandert niet)
La gente habla mucho.La gente habla mucho.De mensen praten veel. (gente is enkelvoud)

Twee valkuilen in die tabel. Hay (er is, er zijn) heeft geen meervoud: hay muchos coches. En la gente (de mensen) is enkelvoud, dus la gente es amable, niet son. Hoe je de uitgangen -an en -en precies vormt, staat in Spaanse werkwoorden vervoegen.

Overzicht in één beeld

Infographic meervoud in het Spaans: de regels voor -s en -es, lápiz wordt lápices, lunes blijft lunes, canción wordt canciones en los padres
Overzicht: alle regels voor het meervoud in het Spaans, met enkelvoud, meervoud en waar je op moet letten.

Veelgemaakte fouten

❌ Fout: Necesito dos lápizs.
✓ Correct: Necesito dos lápices.
Uitleg: Een woord op -z krijgt -es, en de z wordt een c. Zo ook veces, peces, luces en felices.
❌ Fout: Los luneses tengo clase.
✓ Correct: Los lunes tengo clase.
Uitleg: Lunes eindigt op een onbeklemtoonde -s en verandert niet, alleen het lidwoord. Zo ook las crisis en los paraguas.
❌ Fout: Me gustan las canciónes españolas.
✓ Correct: Me gustan las canciones españolas.
Uitleg: In het meervoud ligt de klemtoon op de voorlaatste lettergreep en eindigt het woord op -s: standaard, dus geen accent. Zo ook jardines en autobuses.
❌ Fout: La gente son muy simpáticos.
✓ Correct: La gente es muy simpática.
Uitleg: Gente is in het Spaans enkelvoud en vrouwelijk, hoeveel mensen het ook zijn. Het werkwoord en het bijvoeglijk naamwoord blijven dus enkelvoud.
❌ Fout: Mis parientes viven en Holanda. (bedoeld: mijn ouders)
✓ Correct: Mis padres viven en Holanda.
Uitleg: Los padres betekent de ouders, niet alleen de vaders. Los parientes zijn de familieleden in brede zin, dus ook ooms, tantes en neven.
❌ Fout: Han muchos turistas en la playa.
✓ Correct: Hay muchos turistas en la playa.
Uitleg: Hay heeft geen meervoud. Of er nu één toerist is of duizend, het blijft hay. Han gebruik je alleen als hulpwerkwoord: han comido.

Oefening: zet in het meervoud

Zet de volgende woorden en zinnen in het meervoud. Denk aan het lidwoord, het accent en het werkwoord. De antwoorden staan onder de streep.

1. la casa

2. el hotel

3. el lápiz

4. el lunes

5. la canción

6. el joven

7. un amigo simpático

8. la ciudad grande

9. Mi hermano vive en Madrid.

10. El paraguas rojo es de mi madre.

 

Antwoorden: 1: las casas, 2: los hoteles, 3: los lápices, 4: los lunes, 5: las canciones, 6: los jóvenes, 7: unos amigos simpáticos, 8: las ciudades grandes, 9: Mis hermanos viven en Madrid, 10: Los paraguas rojos son de mi madre

Vond je deze oefening leuk? 🇪🇸
In onze gratis cursus Spaans krijg je hier veel meer van: video-uitleg, oefeningen en persoonlijke hulp bij elke les.
👉 Volg hier gratis de cursus Spaans

Veelgestelde vragen over het meervoud in het Spaans

Hoe maak je het meervoud in het Spaans?

Eindigt een woord op een klinker, dan voeg je -s toe: casa, casas. Eindigt het op een medeklinker, dan voeg je -es toe: hotel, hoteles. Woorden op -z krijgen -ces (lápices) en woorden op een onbeklemtoonde -s veranderen niet (los lunes).

Wat is het meervoud van la?

Het meervoud van la is las: la mesa, las mesas. Het onbepaalde lidwoord una wordt unas: una hora, unas horas, een paar uur.

Wat is het meervoud van lápiz?

Het meervoud van lápiz is lápices. De z wordt een c omdat het Spaans ze bijna nooit schrijft. Zo ook veces en peces.

Wanneer gebruik je -es in het Spaans?

Je gebruikt -es als een woord eindigt op een medeklinker: hoteles, mujeres, ciudades. Ook na een beklemtoonde -s: los meses, los autobuses.

Wat is het meervoud van lunes?

Het meervoud van lunes is lunes: el lunes, los lunes. Woorden die eindigen op een onbeklemtoonde -s veranderen niet, alleen het lidwoord. Los lunes betekent ook op maandag, elke maandag.

Verandert het accent in het meervoud?

Soms. Canción wordt canciones zonder accent, joven wordt jóvenes met accent. De klemtoon blijft op dezelfde lettergreep, alleen het schrijfteken verandert. Bij países en árboles blijft het accent staan.

Wat is het meervoud van el?

Het meervoud van el is los: el libro, los libros. Het onbepaalde lidwoord un wordt unos: un amigo, unos amigos. Let op: el agua is vrouwelijk en wordt in het meervoud las aguas.

Hoe zeg je ouders in het Spaans?

Ouders is los padres: de mannelijke meervoudsvorm van el padre, maar het betekent vader en moeder samen. Zo is los hermanos broers en zussen. Zeg mis padres, niet mis parientes, want dat zijn je familieleden.

Spaans leren met onze cursussen

Gebruik deze blog als opstap om verder te leren met onze online cursussen. Of je nu net begint of al gevorderd bent, je leert stap voor stap vloeiend Spaans spreken met persoonlijke begeleiding van twee docenten.

✨ Of bekijk het volledige overzicht: Bekijk alle cursussen Spaans.

🧭 Benieuwd wat jouw niveau is? Doe de gratis taaltest Spaans en ontdek direct welke cursus bij jou past.

👉 Bekijk hier onze complete bloghub Spaans leren

🎁 Start hier de gratis cursus Spaans (inclusief app) en leer de basis met leuke video's en oefeningen.

Saludos,
Lusiana y Leroy ❤️

🇪🇸 KRIJG ONZE GRATIS ONLINE CURSUS SPAANS! 🇪🇸

De leukste en beste manier om goed Spaans te leren spreken

✅ Gratis (en heel leuk!❤️)
✅ Videolessen, quizzen, podcasts en ebooks.
✅
Persoonlijke hulp in onze online leeromgeving (en ja, ook gratis!)

Na aanmelden ontvang je jouw inlogcode en instructies via email.

Al meer dan 30.000 mensen doen mee, jij ook?

We zullen jouw informatie nooit verkopen, om welke reden dan ook.