De Weg Vragen in het Spaans: ¿Dónde Está? + Alle Zinnen
Oct 18, 2026De weg vragen in het Spaans begint bijna altijd met dezelfde drie woorden: Perdone, ¿dónde está...? (pardon, waar is...?). Het lastige komt daarna: het antwoord. Een Spanjaard ratelt todo recto, la segunda a la izquierda, al final de la calle, en jij knikt en loopt de verkeerde kant op. In deze blog leer je allebei: de vraag stellen en het antwoord verstaan. Waar is het toilet, is er hier een apotheek, hoe kom ik bij het strand, links, rechts, rechtdoor, dichtbij en ver, en hoe je zelf de weg uitlegt. Met uitspraak, een compleet gesprek, de fouten van Nederlanders en een oefening.
🇪🇸 Gratis cursus Spaans (inclusief app)
Video's, oefeningen en persoonlijke hulp. Vul je naam en e-mail in en je zit binnen 2 minuten in je eerste les.
📚 Inhoudsopgave
- Iemand aanspreken om de weg te vragen: perdone, disculpe, oiga
- De weg vragen in het Spaans: ¿dónde está...?
- ¿Hay un banco por aquí?: is er hier een ... in de buurt
- Hoe kom ik bij... in het Spaans: ¿cómo llego a...?
- Links, rechts en rechtdoor in het Spaans: het antwoord verstaan
- Dichtbij of ver in het Spaans: afstand en tijd
- Zelf de weg uitleggen in het Spaans: siga, gire, tome, cruce
- De weg vragen in het Spaans met bus, metro en trein
- Een compleet gesprek: de weg vragen in het Spaans van begin tot eind
- Overzicht in één beeld
- Veelgemaakte fouten
- Oefening
- Veelgestelde vragen
- Spaans leren met onze cursussen
Iemand aanspreken om de weg te vragen: perdone, disculpe, oiga
Je roept niet zomaar ¿dónde está la playa? naar een voorbijganger. Eerst trek je de aandacht, in Spanje met perdone: de beleefde vorm met usted, voor een onbekende, een oudere of iemand in een winkel. Tegen een jongere zeg je perdona.
| Spaans | Uitspraak | Nederlands | Wanneer |
|---|---|---|---|
| Perdone, ... | per-DO-ne | Pardon, ... | beleefd (usted), de standaard |
| Perdona, ... | per-DO-na | Sorry, ... | informeel (tú), tegen jongeren |
| Disculpe, ... | dies-KOEL-pe | Excuseer, ... | beleefd, iets formeler |
| Oiga, por favor, ... | OI-ga | Hoort u eens, ... | heel Spaans, niet onbeleefd |
Oiga klinkt voor Nederlandse oren brutaal (letterlijk: hoort u), maar in Spanje spreek je er gewoon een ober mee aan. Twijfel je? Kies perdone, beleefd is nooit fout. Meer over die keuze lees je in tú of usted in het Spaans.
De weg vragen in het Spaans: ¿dónde está...?
De basisvraag is ¿Dónde está...? (uitspraak: DON-de es-TA), letterlijk "waar is...?". Dónde is waar en está komt van estar, omdat het om een plek gaat. Daarna komt de plek met lidwoord: el baño, la estación. Bij een meervoud wordt het ¿Dónde están...?
| Spaans | Uitspraak | Nederlands |
|---|---|---|
| ¿Dónde está el baño? | el BA-njo | Waar is het toilet? (bar, restaurant, huis) |
| ¿Dónde están los servicios? | los ser-BIE-sie-os | Waar zijn de toiletten? (station, winkelcentrum) |
| ¿Dónde está la estación? | la es-ta-sie-ON | Waar is het station? |
| ¿Dónde está la playa? | la PLA-ja | Waar is het strand? |
| ¿Dónde está el centro? | el SEN-tro | Waar is het centrum? |
| ¿Dónde está la farmacia? | la far-MA-sie-a | Waar is de apotheek? |
| ¿Dónde está el supermercado? | el soe-per-mer-KA-do | Waar is de supermarkt? |
| ¿Dónde está la parada de autobús? | la pa-RA-da de au-to-BOES | Waar is de bushalte? |
| ¿Dónde está el hotel Sol? | el o-TEL | Waar is hotel Sol? |
| ¿Dónde está el cajero? | el ka-CHE-ro (ch als in lachen) | Waar is de geldautomaat? |
| ¿Dónde está el ayuntamiento? | el a-joen-ta-MIEN-to | Waar is het gemeentehuis? |
De c in servicios en centro slist een Spanjaard licht; een gewone s is prima. In een bar vraag je naar el baño, op een station naar los servicios; allebei worden overal begrepen. En dónde krijgt in een vraag altijd een accent. De andere vraagwoorden (qué, cuándo, cuánto, cómo) vind je in vragen stellen in het Spaans.
¿Hay un banco por aquí?: is er hier een ... in de buurt
Weet je niet of iets er überhaupt is, dan vraag je niet ¿dónde está? maar ¿hay...? (uitspraak: ai): is er...? Let op het lidwoord: bij hay hoort un of una (een apotheek, welke dan ook), bij está hoort el of la (dé apotheek).
| Spaans | Nederlands |
|---|---|
| ¿Hay una farmacia por aquí? | Is er hier een apotheek in de buurt? |
| ¿Hay un cajero cerca? | Is er een geldautomaat dichtbij? |
| ¿Hay servicios aquí? | Zijn er hier toiletten? |
| Sí, hay una en la plaza. | Ja, er is er een op het plein. |
| No, por aquí no hay. | Nee, hier in de buurt niet. |
Dus eerst ¿Hay un banco por aquí? (is er hier een bank?) en daarna ¿Dónde está el banco? (waar is de bank?). Alles over hay en het verschil met está lees je in er is en er zijn in het Spaans.
Hoe kom ik bij... in het Spaans: ¿cómo llego a...?
Weet je waar iets is maar niet hoe je er komt, dan vraag je ¿Cómo llego a...? (uitspraak: KO-mo JE-go a), letterlijk "hoe kom ik aan bij...?". Een Spanjaard zegt ook vaak ¿Cómo se va a...? (hoe ga je naar...?). Let op: a + el wordt altijd al: al centro, al hotel.
| Spaans | Uitspraak | Nederlands |
|---|---|---|
| ¿Cómo llego a la estación? | KO-mo JE-go | Hoe kom ik bij het station? |
| ¿Cómo se va al centro? | KO-mo se BA | Hoe kom je in het centrum? |
| ¿Voy bien para el puerto? | BOI bien | Zit ik goed voor de haven? |
| Me he perdido. | me e per-DIE-do | Ik ben verdwaald. |
¿Voy bien para...? vind je zelden in een boekje, maar Spanjaarden zeggen het constant als ze al een kant op lopen. Meer woorden voor onderweg, zoals la maleta en la salida, staan in 20 Spaanse woorden voor op reis.
Links, rechts en rechtdoor in het Spaans: het antwoord verstaan
Nu het moeilijkste deel: de route verstaan. Het goede nieuws: Spanjaarden gebruiken steeds dezelfde tien woorden. Ken je die, dan versta je negentig procent van elke uitleg. De belangrijkste drie: todo recto (rechtdoor), a la derecha (rechts) en a la izquierda (links).
| Spaans | Uitspraak | Nederlands |
|---|---|---|
| todo recto | TO-do REK-to | rechtdoor |
| a la derecha | a la de-RE-tsja | naar rechts, rechtsaf |
| a la izquierda | a la ies-KIER-da | naar links, linksaf |
| la primera (calle) a la derecha | la prie-ME-ra | de eerste (straat) rechts |
| la segunda a la izquierda | la se-GOEN-da | de tweede links |
| al final de la calle | al fie-NAL de la KA-je | aan het eind van de straat |
| en la esquina | en la es-KIE-na | op de hoek |
| hasta el semáforo | AS-ta el se-MA-fo-ro | tot het verkeerslicht |
| enfrente de | en-FREN-te de | tegenover |
| al lado de | al LA-do de | naast |
| detrás de | de-TRAS de | achter |
In een zin: Siga todo recto y gire a la derecha. La farmacia está enfrente del banco. (Ga rechtdoor en sla rechtsaf. De apotheek is tegenover de bank.) Twee valkuilen. Eén: recto (rechtdoor) en derecha (rechts) lijken op elkaar; je hoort ook todo derecho voor rechtdoor, maar dat is met een o. Twee: de + el wordt del: enfrente del banco. Alle plaatsvoorzetsels (en, sobre, debajo de, entre) staan op een rij in voorzetsels in het Spaans.
Dichtbij of ver in het Spaans: afstand en tijd
Dichtbij is cerca (uitspraak: SER-ka), ver is lejos (LE-chos, met de ch van lachen). Daarna komt een constructie die het Nederlands niet heeft: está a + afstand of tijd. Está a cinco minutos is letterlijk "het is op vijf minuten".
| Spaans | Nederlands |
|---|---|
| Está cerca, aquí mismo. | Het is dichtbij, hier vlakbij. |
| Está lejos, es mejor coger el autobús. | Het is ver, je kunt beter de bus nemen. |
| Está a cinco minutos andando. | Het is vijf minuten lopen. |
| Está a diez minutos en coche. | Het is tien minuten met de auto. |
| Está a dos manzanas. | Het is twee huizenblokken verderop. |
| Está a la vuelta de la esquina. | Het is om de hoek. |
Una manzana is een appel, maar in de stad een huizenblok: a dos manzanas is twee straten verder. Coger (nemen) is in Spanje het gewone woord voor een bus nemen. De minuten en meters versta je alleen als je de getallen kent, en die oefen je in tellen in het Spaans.
Zelf de weg uitleggen in het Spaans: siga, gire, tome, cruce
Vroeg of laat vraagt iemand jou de weg, zeker als je een huis in Spanje hebt. Dan gebruik je de gebiedende wijs in de usted-vorm.
| Werkwoord | Gebiedende wijs (usted) | Voorbeeld | Nederlands |
|---|---|---|---|
| seguir (volgen) | siga (SIE-ga) | Siga todo recto. | Ga rechtdoor. |
| girar (draaien) | gire (CHIE-re) | Gire a la izquierda. | Sla linksaf. |
| tomar (nemen) | tome (TO-me) | Tome la primera a la derecha. | Neem de eerste rechts. |
| coger (nemen) | coja (KO-cha) | Coja la segunda calle. | Neem de tweede straat. |
| cruzar (oversteken) | cruce (KROE-se) | Cruce la plaza. | Steek het plein over. |
| ver (zien) | verá (be-RA) | Lo verá a la derecha. | U ziet het aan de rechterkant. |
Tegen een vriend gebruik je de tú-vorm: sigue, gira, toma, coge, cruza. Zie je dat siga en gire de "verkeerde" uitgang hebben? Bij de beleefde gebiedende wijs wisselen de klinkers: -ar krijgt een e, -er en -ir een a. Hoe dat werkt lees je in gebiedende wijs in het Spaans. Aan elkaar: Siga todo recto, cruce la plaza y gire a la izquierda. La farmacia está al lado del banco.
De weg vragen in het Spaans met bus, metro en trein
Niet alles is op loopafstand. Met de bus, metro of trein heb je een paar extra zinnen nodig.
| Spaans | Uitspraak | Nederlands |
|---|---|---|
| ¿Este autobús va al centro? | ES-te au-to-BOES ba | Gaat deze bus naar het centrum? |
| ¿Dónde está la parada del cinco? | la pa-RA-da del SIN-ko | Waar is de halte van lijn 5? |
| ¿Dónde tengo que bajarme? | ba-CHAR-me | Waar moet ik uitstappen? |
| Un billete para Sevilla, por favor. | oen bie-JE-te | Een kaartje naar Sevilla, graag. |
| ¿Hay que hacer transbordo? | trans-BOR-do | Moet ik overstappen? |
Een retourtje is un billete de ida y vuelta, enkele reis solo ida. Uitstappen is bajarse, niet salir. Hoe je "alstublieft" precies zegt (por favor of toch aquí tiene?) lees je in 10 Spaanse zinnen voor op vakantie.
Een compleet gesprek: de weg vragen in het Spaans van begin tot eind
Alles aan elkaar: jij zoekt het treinstation en spreekt een vrouw aan.
| Wie | Spaans | Nederlands |
|---|---|---|
| Jij | Perdone, ¿la estación de tren está por aquí? | Pardon, is het treinstation hier in de buurt? |
| Zij | Sí, está cerca. Siga todo recto hasta el semáforo. | Ja, het is dichtbij. Ga rechtdoor tot het verkeerslicht. |
| Jij | ¿Hasta el semáforo? | Tot het verkeerslicht? |
| Zij | Eso es. Allí gire a la izquierda y tome la segunda calle a la derecha. | Precies. Daar slaat u linksaf en neemt u de tweede straat rechts. |
| Jij | ¿Está lejos? | Is het ver? |
| Zij | No, a cinco minutos andando. La estación está enfrente de un parque, la verá enseguida. | Nee, vijf minuten lopen. Het station ligt tegenover een park, u ziet het meteen. |
| Jij | Perfecto. Muchas gracias, muy amable. | Perfect. Hartelijk dank, erg vriendelijk. |
| Zij | De nada, ¡que vaya bien! | Graag gedaan, het ga u goed! |
Zie je de truc? Je herhaalt een stukje (¿hasta el semáforo?) en de ander bevestigt of corrigeert je meteen. Dit kun je nog meer terugzeggen:
| Spaans | Nederlands |
|---|---|
| ¿Puede repetir, por favor? | Kunt u dat herhalen? |
| Más despacio, por favor. | Langzamer, graag. |
| Perdone, no lo he entendido. | Sorry, ik heb het niet begrepen. |
Muy amable (erg vriendelijk) zeggen Spanjaarden zelf als iemand hen heeft geholpen; het klinkt hartelijker dan alleen gracias. Wil je dit gesprek hardop oefenen voordat je in Spanje staat? In onze Spreekapp speel je precies dit rollenspel, en je kunt de Spreekapp 5 dagen gratis proberen.
Overzicht in één beeld
Veelgemaakte fouten
✓ Correct: ¿Dónde está el baño?
Uitleg: Een plek of gebouw staat altijd met estar, nooit met ser: dus ¿dónde está?
✓ Correct: Siga todo recto.
Uitleg: Recto is rechtdoor (ook todo derecho, met een o), a la derecha is rechtsaf.
✓ Correct: ¿Dónde está el baño?
Uitleg: Het lidwoord valt in het Spaans niet weg: el baño, la estación, los servicios.
✓ Correct: ¿Cómo llego a la estación?
Uitleg: Hoe kom ik bij... is llegar (aankomen) of ir (gaan), niet venir: dat is komen naar waar de spreker is.
✓ Correct: Está muy lejos.
Uitleg: Largo betekent lang (van lengte), niet ver. Ver is lejos.
✓ Correct: Perdone, ¿dónde está la playa?
Uitleg: Lo siento is het spijt me, bij iets ergs. Om iemand aan te spreken zeg je perdone of disculpe; perdón zeg je vooral als je tegen iemand aanloopt.
Oefening: de weg vragen in het Spaans
Vertaal naar het Spaans, in de usted-vorm. De antwoorden staan onder de streep.
1. Pardon, waar is het station?
2. Is er hier een apotheek in de buurt?
3. Hoe kom ik bij het strand?
4. Ga rechtdoor en sla linksaf.
5. Is het ver?
6. Het is vijf minuten lopen.
7. Neem de tweede straat rechts.
8. Het hotel is tegenover het station.
9. Gaat deze bus naar het centrum?
10. Hartelijk dank, erg vriendelijk.
Antwoorden: 1: Perdone, ¿dónde está la estación?, 2: ¿Hay una farmacia por aquí?, 3: ¿Cómo llego a la playa?, 4: Siga todo recto y gire a la izquierda., 5: ¿Está lejos?, 6: Está a cinco minutos andando., 7: Tome la segunda calle a la derecha., 8: El hotel está enfrente de la estación., 9: ¿Este autobús va al centro?, 10: Muchas gracias, muy amable.
In onze gratis cursus Spaans krijg je hier veel meer van: video-uitleg, oefeningen en persoonlijke hulp bij elke les.
👉 Volg hier gratis de cursus Spaans
Veelgestelde vragen over de weg vragen in het Spaans
Hoe zeg je waar is het toilet in het Spaans?
¿Dónde está el baño? (uitspraak: DON-de es-TA el BA-njo). In een bar zeg je el baño, op een station vraag je ¿Dónde están los servicios? Begin beleefd met perdone.
Wat betekent dónde está?
¿Dónde está? betekent "waar is?". Dónde is waar en está komt van estar, het werkwoord voor plaatsen: ¿Dónde está la estación? (waar is het station?).
Hoe vraag je de weg in het Spaans?
Spreek iemand aan met perdone en vraag ¿dónde está...? (waar is...?) of ¿cómo llego a...? (hoe kom ik bij...?). Sluit af met muchas gracias, muy amable.
Hoe zeg je rechtdoor in het Spaans?
Rechtdoor is todo recto (uitspraak: TO-do REK-to). Let op het verschil met a la derecha, dat is naar rechts. Siga todo recto betekent ga rechtdoor.
Wat is links en rechts in het Spaans?
Links is izquierda en rechts is derecha. Bij een route zeg je a la izquierda (linksaf) en a la derecha (rechtsaf): Gire a la izquierda, sla linksaf.
Hoe zeg je hoe kom ik bij in het Spaans?
¿Cómo llego a...? (uitspraak: KO-mo JE-go a), bijvoorbeeld ¿Cómo llego a la playa? Spanjaarden zeggen ook ¿Cómo se va a...? A + el wordt al: ¿Cómo llego al centro?
Wat betekent todo recto?
Todo recto betekent rechtdoor, letterlijk helemaal recht. Siga todo recto hasta el semáforo is ga rechtdoor tot het verkeerslicht. Niet verwarren met derecha, rechts.
Hoe zeg je dichtbij en ver in het Spaans?
Dichtbij is cerca en ver is lejos: está cerca, está lejos. Afstand geef je aan met está a: está a cinco minutos andando, het is vijf minuten lopen.
Spaans leren met onze cursussen
Gebruik deze blog als opstap om verder te leren met onze online cursussen. Of je nu net begint of al gevorderd bent, je leert stap voor stap vloeiend Spaans spreken met persoonlijke begeleiding van twee docenten.
✨ Of bekijk het volledige overzicht: Bekijk alle cursussen Spaans.
🧭 Benieuwd wat jouw niveau is? Doe de gratis taaltest Spaans en ontdek direct welke cursus bij jou past.
👉 Bekijk hier onze complete bloghub Spaans leren
🎁 Start hier de gratis cursus Spaans (inclusief app) en leer de basis met leuke video's en oefeningen.
Saludos,
Lusiana y Leroy ❤️
🇪🇸 KRIJG ONZE GRATIS ONLINE CURSUS SPAANS! 🇪🇸
De leukste en beste manier om goed Spaans te leren spreken
✅ Gratis (en heel leuk!❤️)
✅ Videolessen, quizzen, podcasts en ebooks.
✅ Persoonlijke hulp in onze online leeromgeving (en ja, ook gratis!)
Na aanmelden ontvang je jouw inlogcode en instructies via email.
Al meer dan 30.000 mensen doen mee, jij ook?
We zullen jouw informatie nooit verkopen, om welke reden dan ook.